Dag: 0 1 2 3 4 5 6 7 8

Frankrijk 2010 - Pyreneeën


Dag 0: 16-08-10

Dit jaar staan de Franse Pyreneeën op het programma. Nog even de koffer inpakken en dan ben ik er klaar voor. Om 12.30u brengt Joris me even naar het station en dan gaat de volgende etappe per trein. In tegenstelling tot de afgelopen jaren is Breda de opstapplaats, dus mag de fiets met de trein, een noviteit (voor m'n carbonnen ros). In de trein is het even passen en meten omdat er ook net een groepje van 6 jongeren de fiets meeneemt. Opletten geblazen, want zij zijn een stuk minder zuinig op hun en andermans fiets. In Breda aangekomen staat Gerben, reisgenoot zo blijkt, al te wachten en met onze kennismaking is de eerste naam alweer geleerd :). Niet veel later voegt ook Stefan, de reisbegeleider, zich bij het gezelschap en is het wachten op de bus. Deze arriveert keurig op tijd en blijkt en luxe dubbeldekker touringcar met aanhangwagen én onder in de bus plaats voor de fietsen. De mijne mag in de bus staan en bovenin is het goed toeven met slechts 14 personen en dus bijna 4 plaatsen beschikbaar per persoon. Om 14.30u vertrekken we met als bestemming Argelès-Gazost (net onder Lourdes). Het zonnetje schijnt, maar dat maakt over de grens al gauw plaats: België is één grijs gat, waar de regen met bakken uit de lucht komt.

Om 18u hebben we de eerste stop, zo'n 100km voor Parijs, en is het zowaar droog. Na een smakelijke warme maaltijd, "du jambon avec des legumes et des patates frites", vervolgt de reis en omstreeks 20u zijn we ter hoogte van Parijs en piept de zon weer tussen de wolken door. Ik zit lekker met m'n voeten (schoenen uitgedaan) op de stoelen voor me, geen mens die er last van heeft, want we kunnen, met slechts 14 man in deze bus, gaan en staan waar we willen, wat een luxe! Na een onrustige nacht waarin de slaap in 'hazen porties' gaat, arriveert de bus nog voor 7.30u, twee uur voor op schema, op de bestemming. Het hotel kan ons nog niet ontvangen, maar de eigenaar regelt dat we om 8u elders in het dorp kunnen ontbijten. De croissants en stokbrood smaken prima en gaan er wel in.


Dag 1: 17-08-10 : Pont d'Espagne (51.5km, 1610hm)

Na het ontbijt mogen de stalen/aluminium/carbonnen rossen los in de eerste etappe. De rit gaat naar Pont d'Espagne. Het is schitterend weer en de uitzichten op de klim zijn prachtig. Tel daar nog eens een goed wegdek, prima vorm en goede moraal bij op en je hebt alle ingrediënten voor een geweldige rit. Het klimmen gaat ook erg lekker. In de klim kies ik m'n eigen tempo en dat blijkt te snel voor de rest. Op de steilere stukken doe ik wat rustiger aan, toch duurt het boven nog 5 minuten voordat de volgende arriveert. De klim eindigt op een groot parkeerterrein van waar men tegen betaling nog een klein endje verder kan lopen en vervolgens per ski-lift omhoog.

Langs de weg stroomt een flinke rivier met geregeld behoorlijke hoogteverschillen, wat mooie watervallen oplevert. Op de terugweg neem ik dan ook menig foto op de verschillende leuke plekken die ik op de heenweg al gezien had. In één van de bochten zie ik mensen de rivier oversteken over de rotsen net na een waterval. Met enige moeite (vanwege het niet geheel gepaste schoeisel) weet ik ook het midden van de rivier te bereiken voor een paar leuke kiekjes.

Bij terugkomst in het hotel blijken de kamers ook net vrij te zijn, dus lekker douchen en dan nog even het dorp in. Praktisch alle winkeltjes zijn dicht: siësta, niet bij stilgestaan natuurlijk. Daarom terug naar het hotel en maar even op bed liggen. Ja hoor... de oogjes vallen dicht. Tegen 16u nogmaals het dorp in geweest, waar nu veel meer te beleven is. Bij een thee-winkeltje drink ik een lekkere kop thee met een heerlijk gebakje: "duo framboise et myrtille".

Bij het avondeten is de groep compleet (enkelen zijn per eigen vervoer gekomen): 18 wielrenners en 1 begeleider.


Dag 2: 18-08-10 : Lac d'Estaing - Col des Bordères - Porte d'Arrens (76.7km, 1750hm)

De dag begint met bewolking, maar al gauw breekt de zon door. Het eerste stuk van de route is vergelijkbaar met gisteren, maar bij Soulom slaan we anders af. Gerben rijdt erg sterk en Gerrie volgt hem, maar blaast zich op. Ik ben slim en pak m'n eigen tempo. Iets verderop kom ik weer bij Gerrie en we fietsen samen op. Her en der stijgt de weg flink en slechts in de verte zien we Gerben fietsen. Al pratende vlotten de kilometers snel, zeker onder het genot van zulke mooie natuur. De eerste klim gaat naar Lac d'Estaing, een natuurlijk meer. Aan het einde van de weg wachten we tot de groep weer compleet is en rijden we naar de Col des Bordères, na een stukje afdaling nog twee kilometer flink klimmen (>10%), maar dan volgt de pauze. Stefan heeft de soep al klaar en heeft bovendien cakejes geregeld vanwege zijn verjaardag vandaag. Als 'tegenprestatie' schalt een luid "lang zal hij leven" over de col.

De rit vervolgt naar de Porte d'Arrens, ditmaal gelegen aan een stuwmeer. Deze klim is erg onregelmatig en dat ligt me toch wat minder. Gerben is er al lang weer vandoor, maar Gerrie blijft in zicht. Langs het meer is het even vlak en maak ik mijn achterstand goed. Op het dan volgende steilere stuk parkeert hij en is het een kwestie van 'erop en erover'. De wind staat in de rug en de zon brand er flink op, dus het is behoorlijk warm in de klim. Bovenop verzamelen we weer en na voldoende van het uitzicht genoten te hebben dalen we weer af. Terug bij het meer neem ik wat foto's en raak aan de praat met wat andere toeristen, het blijken Fransen te zijn die van oorsprong uit de streek komen, maar nu elders in Frankrijk wonen. Ik krijg nog pasta aangeboden, maar zo kort na de lunch past dat me niet zo goed. Dan volgt de afdaling over de grote weg naar Argelès, een heerlijke bijtrap-afdaling. Later hoor ik dat de rest nog geprobeerd heeft me bij te halen, maar daarin niet geslaagd is... :).


Dag 3: 19-08-10 : Port de Boucharo (99.0km, 3180hm)

Vandaag begint met zon, maar ook met wolken rond de bergtoppen. Op zich is het helemaal niet zo vervelend dat de zon er even niet vol op schijnt, want er volgt een lange klim naar het 'dak' van deze reis, de Port de Boucharo. Vanuit het hotel is het alleen maar klimmen, zij het dat er een lange aanloop vals plat is. Vanuit de start wordt er enorm getreuzeld door de groep, daar heb ik geen zin in, dus ik rij wel gewoon door en tref 'medevluchters' Gerben en Leo. Met een lekker tempo vatten we de klim aan, en zodra de eerste 'echte' percentages (>4%) zich aanbieden, moet Leo eraf. Gerben houdt af en toe in om nog even samen te blijven, hij is duidelijk sterker, dus ik pak gewoon m'n eigen tempo. Dan volgt de echte klim met percentages van 8-9%. Hij loopt eigenlijk wel lekker, maar hier wordt het verschil duidelijk gemaakt. Tussen de schapen door rij ik naar boven, waar donkere wolken zich klaar maken om over de berg te trekken. 3 minuten na Gerben kom ik boven en dan volgt een gat van 18 minuten tot Leo, waarna de rest redelijk bijeen boven komt.

Er staat een flinke wind, dus ik zoek een plekje in de luwte van de bus. Na de lunch zie ik meer en meer slecht weer op ons afkomen en besluit vast te gaan. Maar goed ook, want ik heb slechts een (grotendeels) nat wegdek en een spatje regen, de rest heeft meer nattigheid gehad. Over de natte weg tik ik toch nog de 70km/u aan alvorens in de remmen te gaan voor de schapen. Over de grote weg volgt weer een lekkere bijtrap-afdaling tot de weg 'knikt' voor een leuk klein klimmetje door Saligos en Chèze, twee kleine dorpjes. Kort nadat ik hier langs ben gekomen (geen oorzakelijk verband :) ) is een deel van de bergwand naar beneden gekomen, want de rest treft een grotendeels geblokkeerde weg aan vol modder en stenen waar ik slechts door (van de berg stromend) water heb moeten rijden. Het laatste stuk vals plat omlaag stoemp ik lekker door naar het hotel. Lekker! En net na aankomst bij het hotel begint het ook in Argel`s te regenen, ik ben precies op tijd dus.


Dag 4: 20-08-10 : Col du Soulor - Col de Spandelles - Hautacam - Col de Tramassel (100.5km, 3180hm)

Vandaag staan er drie cols op het programma, waarvan de eerste direct vanuit het hotel begint. Het is flink warm en er is volop zon. De Col du Soulor loopt heerlijk. Vanuit de start leg ik een flink tempo op en alleen Gerben weet te volgen. Verderop in de klim rij ik hem even los, maar dan komt er een steiler stuk waarop ik even in moet houden om mezelf niet over de kop te rijden. Hij komt weer bij en pakt vervolgens 80m. Op een paar kilometer voor de top kom ik weer dichterbij en kort voor de top erop en erover. Een 'overwinning' waar nog lang over gepraat zal worden ;).

Bovenop is de temperatuur aangenaam, eten we een reepje, tanken bij en dan volgt een leuke, technische afdaling. De tweede klim is de Col de Spandelles en ik besluit hier rustig aan te doen. Bovenop zou de lunch volgen, maar Stefan is er nog niet; er blijkt iemand technisch mankement te hebben gehad, dus we moeten even geduld hebben. Maar... dan smaakt het des te beter :).

De afdaling is niet best... een weg vol met gaten van circa 10cm diep en een vierkante meter in oppervlak. Desalniettemin bereik ik flinke snelheden (wellicht ook een beetje té hier): met 70km/u zie ik ineens een serie enorme gaten zonder duidelijke route ertussendoor. De enige optie die overblijft is springen en dat heb ik hier een aantal keren moeten doen. De weg vervolgt met een hoop losse steentjes, kortom, het tempo moet flink teruggenomen worden. Ik had hier overigens het plan om door te steken naar de Col de Couraduque, maar die afslag bestaat enkel uit een heel grof grindpad, dus dat plan laten we varen.

Tot slot volgt de Hautacam / Col de Tramassel. Het is erg warm, en dat maakt de klim een stuk lastiger. Tot m'n verbazing gaat het klimmen toch nog wel prima. In het begin van de klim komt een oude vrachtwagen met grind voorbijgekropen. Hij gaat 15km/u en ik 14, gelukkig komt er even geen tegenverkeer en kan hij rustig passeren. Er vallen echter een hoop steentjes uit en dat rijdt iets minder prettig omdat er geregeld een steentje op m'n banden blijft plakken. Hautacam is 's zomers niet veel meer dan een grote parkeerplaats, nou... vooruit, er is een zomerrodelbaan en de mogelijkheid om in een skelter een stukje omhoog getrokken te worden en vervolgens over een parcoursje naar beneden kan rijden. Nog ietsjes verder omhoog ligt restaurant Tramassel, vandaar Col de Tramassel.

Het uitzicht is geweldig. Met zicht op het dorp Argelès, de rivier en menig roofvogel zwevende op thermiek is het echt genieten in een heerlijk zonnetje en hierboven een lekkere temperatuur. Voordat ik er erg in heb is er een half uur voorbij, waarna ik maar eens even wat ga drinken op het terras in/op Hautacam. Jules rijdt verkeerd, komt mij op het terras tegen en weet te vertellen dat Stefan ondertussen naar boven is gereden. Aangezien het hier bovenop zoveel lekkerder is dan beneden in het hete dal besluit ik weer terug naar boven te gaan en voeg me daar weer bij de groep om nog verder te genieten van het ultieme vakantiegevoel. Deze etappe heb ik maar liefst 3u20m pauze genomen op 4u44m rijden... dat is eens wat anders dan een amateurkoers :).

Van zo'n skioord is het altijd geweldig dalen omdat er zo'n mooie brede asfalt weg ligt. De afdaling loop dan ook lekker en bij aankomst in het hotel blijk ik 4 minuten op de rest gepakt te hebben :). 's Avonds bij het diner klinkt voor de tweede maal het 'lang zal hij leven', nu voor Rob, die 50 is geworden. Ook de kok is op de hoogte gebracht en ons toetje bestaat vandaag uit een heerlijk stukje van de feesttaart.


Dag 5: 21-08-10 : Col du Tourmalet (2x) - Col d'Aspin (163.0km, 4170hm)

Gisteren was volgens het routeboek de koninginnenrit, maar ik heb plannen voor vandaag, dit wordt mijn koninginnenrit! Origineel stond de route over de Tourmalet gepland op de laatste dag, maar ivm slecht-weer-berichten hebben we ervoor gekozen deze rit vandaag te doen. Dit ging overigens niet zonder slag of stoot, want vandaag zou de tijdrit zijn, en de meningen waren erg verdeeld. De keuze van de groep draaide als een blad aan de boom en gisteravond was er een grote meerderheid voor de tijdrit. Stefan had het probleem perfect opgelost door aan te geven zowel de tijdrit als de rit over de Tourmalet te zullen verzorgen. Uiteindelijk bleek dat niet nodig omdat 's ochtends ineens iedereen toch voor de Tourmalet gekozen had. Hoe het ook zij, ik had mijn plannen al gemaakt en ga niet voor 1x Tourmalet, maar wil hem van beide kanten beklimmen.

Op tijd vertrek ik, omdat het vandaar erg warm zal worden. Samen met Leo rij ik naar de voet van de Tourmalet en daar zegt hij gedag en rijdt verstandig zijn eigen tempo. Ik krijg mijn hartslag niet zo goed omhoog als ik zou willen, hij blijft steken op 157 slagen per minuut, maar ondanks dat loopt de klim prima. Ik arriveer op de top, maar Stefan is er nog niet. Met moeite krijg ik wat water in het cafeetje en zie in de souvenirwinkel een mooi wielershirt hangen. Die wil ik graag hebben, maar ik koop hem nu nog niet, dat doe ik straks als ik voor de tweede keer bovenkom, om zodoende een goede motivator te hebben om wederom boven te komen. Net als ik weer op wil stappen zie ik Stefan en geef hem mijn plan door.

De afdaling is een hele mooie: lange rechte stukken en bochten die goed door te kijken zijn. Wel is het even oppassen voor koeien die op de weg staan. Aan het einde van de afdaling, in Sainte-Marie-de-Campan eet ik gauw even een banaantje en keer dan om, om nu de moeilijke kant van de Tourmalet op te rijden. Deze 17km ligt veel meer in de zon en zijn duidelijk zwaarder dan de andere kant omdat hier na een aanloop van rond de 5% de klim continu 8-10% aanhoudt (waar je aan de andere kant nog even een kilometer aan 6.5% tussendoor hebt waar je even kan bijkomen). Met gemiddeld 12.8km/u kom ik boven (andere kant ging met 13.2km/u). Twee kilometer voor de top komt de groep tegemoet, zij zijn dus al uitgegeten. Nog even doorzetten en dan ben ik er ook. Er is nog mooi een kopje soep voor me overgebleven. Het droge stokbrood krijg ik vandaag niet weggewerkt, maar gelukkig heeft Stefan ook ontbijtkoek, dat gaat erin als... koek :). Zoals gezegd koop ik nog even een shirtje en ook meteen maar ansichtkaarten, met heuse stempel ter bewijs dat ze op de top gekocht zijn. Bovenop loopt een hele troep lama's die eerder de bus geterroriseerd hebben. Toen de rest wou eten, hebben ze eerst die beesten weg moeten jagen.

Waar ik in de klim 1:23:43 nodig heb, gaat de afdaling in 0:18:19; wat een scheve verdeling. Mijn hoop om een nieuw persoonlijk snelheidsrecord te vestigen vervliegt als ik merk dat de wind flink aangesterkt is en uit tegemoetkomende richting komt. Na de afdaling volgt direct de Col d'Aspin. De eerste kilometers zijn een lekkere aanloop die geleidelijk wat steiler wordt, maar dan volgen de laatste 5 kilometers aan 8.5% afbouwend naar 6.5%. De benen voelen super aan, alsof ik fris aan de start ben verschenen en hier wil voor het eerst deze dag de hartslag wel lekker omhoog. Met flinke elan rij ik naar boven, nog extra gemotiveerd door de groepsgenoten die ik nu één voor één voorbij rijdt.

Op 1 km voor de top zie ik in de verte, op 300m voor me, Hubert rijden (geen rode maar een groene lap :) ). Die wil ik voorbij voor de top... zou het lukken? Tandje erbij, nog 1,... nu kom ik snel dichterbij, maar de top nadert ook vlot. Als ik naast hem rij is er nog 50m te gaan en moedigt de groep die al boven is (en al lekker zit uit te rusten) aan terwijl Hubert verrast uitbrengt: "Dat gaat niet gebeuren!". Dit alles motiveert me nog meer en dus schakel ik nogmaals op, niet met één tandje, maar gewoon met het voorblad. Volle bak sprintend naar boven en met een hartslag van 199 (dat die nog zo hoog komt na twee keer de Tourmalet is mij een raadsel) win ik de sprint met overmacht. Heerlijk! Maar het moest wel van diep komen. Na eerst flink uitgehijgd te hebben moet er eerst maar eens een foto komen van deze duellisten ;). Op de top loopt een kudde koeien, die zo nu en dan zonder schaamte tegen een geparkeerde auto schurken.

Hier neem ik het er even van, en neem een welverdiende langere pauze. Het laatste stuk van 60km bestaat uit een lekkere afdaling van de Aspin gevolgd door een rit door het 'dal'... ik vreesde al voor een niet geheel dalende lijn, en die vrees werd bewaarheid. Er hangt een enorme hitte in het dal en een onverwachte klim waarin de 10% flink wordt overschreden lopen de benen snel vol... hier betaal ik de tol voor de gekkigheid op de Aspin en de twee beklimmingen van de Tourmalet. Gerben rijdt bij me weg en dat is voor mij het teken om het even helemaal rustig aan te doen. Bij een kruising weet ik niet zeker welke afslag ik moet nemen en neem, met de kaart bij de hand, de tijd om de (gelukkig juiste) beslissing te nemen. Even verder blijkt Gerben op mij gewacht te hebben, maar we lopen elkaar mis. Ik werk een gelletje naar binnen in de hoop nog wat instantane energie te vinden. Het laatste stuk is vals plat afdalend en dat loopt wel weer lekker.

Flink kapot kom ik bij het hotel aan, zie niemand op het terras of bij de fietsen en besluit om lekker te gaan douchen en even te gaan liggen. Later hoor ik dat men mij even kwijt is geweest, maar Stefan was zo slim om te checken of mijn fiets alweer in het hok stond. Het lijf is moe, maar de geest voldaan. Lekker vroeg naar bed vanavond!


Dag 6: 22-08-10 : Col de Spandelles - Col du Soulor - Col d'Aubisque - Col du Soulor (123.3km, 3180hm)

De route van vandaag vraagt om een alternatieve aanpak. Oorspronkelijk stond Soulor/Aubisque gevolgd door een afdaling aan de andere kant en een rondrit naar Lourdes op het programma, maar samen met Gerben en Gerrie besluiten we de Col de Spandelles van de 'slechte kant' op te rijden om daarna de Soulor/Aubisque van de zijkant te nemen. Met 'koude' benen moet vanuit de start direct geklommen worden. Als test begin ik met een stevig tempo, maar al meteen voel ik dat de kilometers en hoogtemeters van gisteren nog in de benen zitten. Daarom gas terug genomen en de hartslag laten zakken; in de herstelstand. De Spandelles van deze kant is een stuk zwaarder met hele stukken aan 12-13%. Bovendien is het al goed warm, wat het ook niet makkelijker maakt.


De Col du Soulor loopt al een stuk beter en de Aubisque is dan niet ver meer. Bovenop de Soulor staat een kudde schapen midden op de weg en op de Aubisque loopt een kudde paarden. Door de hoge temperatuur en de saaie omloop die de route aangeeft besluit ik samen met Gerben, Jules en Peter terug de Soulor af te dalen richting voet van de Spandelles, maar dan het dal verder te volgen langs de rivier. Dit blijkt een gouden greep want in dit dal is het aangenaam qua temperatuur, kent een licht aflopende weg en slingert heel mooi langs de rivier. De doorsteek richting Lestelle-Bétharan kent een paar korte klimmetjes en glooit mooi over de heuvelrug tussen de graanvelden door. We komen uit bij een (sprookjes)kasteel met twee mooie, hoge bruggen over een bocht in de rivier.



De afzink (vals plat) naar Lourdes gaat over de grote weg en geeft aanleiding tot menig demarrage. Met z'n vieren hebben we in Lourdes nog wat gedronken en hebben onze bidon met water laten vullen. Heerlijk koud water uit de tap... 't zal vast niet ingestraald zijn (ó nee, dat is die blauwe jurk... gezegend) :). Het laatste stuk naar Argelès glooit nog wat en waar Gerben voorsprong neemt in de klimmetjes, rij ik het gat in de dalende stukken vals plat/vlak weer dicht middels een heerlijke achtervolging. Wanneer ik nogmaals versnel om hem op een kort klimmetje voorbij te stuiven, merk ik dat ik te gek doe en besluit toch maar even gas terug te nemen als ook de temperatuur verder toeneemt. Morgen staat de tijdrit op het programma.


Dag 7: 23-08-10 : Luz-Ardiden (tijdrit; 72.7km, 1730hm)

Zoals al aangekondigd is vandaag de tijdrit. De slecht-weer-voorspellingen blijken te zijn verdwenen als sneeuw voor de zon, want ook vandaag is het goed weer. Wel hangt er bewolking, maar dat is eigenlijk best wel fijn als er zo gepresteerd moet worden omdat de temperatuur een stuk lager ligt. De heenweg rij ik rustig met Seb naar Luz-Saint-Sauveur. Nog even een sprintje onderweg om te zorgen dat de hartslag even hoog is geweest. De vermoeidheid van de week is wel te zien omdat m'n hartslag niet zo makkelijk omhoog gaat als anders. Bij de aanvang van de klim is het natuurlijk zenuwachtig wachten totdat Stefan arriveert om ons één voor één weg te sturen. Zodra de bus er is, gaan alle overbodige accessoires de bus in: pomp, zadeltasje, tweede bidon, telefoon, regenjasje en helm. Overigens heb ik mijn banden vanochtend opgepompt tot 10 bar, wat mij de bijnaam 'mister 10 bar' oplevert :)...

De tijdrit op Luz-Ardiden is 13km lang waarin 995 hoogtemeters moeten worden overbrugd, kortom een gemiddelde helling van 7.7%. Iedere minuut vertrekt een volgende renner en ik ben de twee na laatste, met na mij Gerrie en Gerben. De eerste kilometer stijgt met 5% en als ik het startsein krijg, knal ik weg. Ik wil geen tijd laten liggen, dus direct vanuit de start volle bak. Naar verwachting duurt de klim minder dan een uur, dus dat moet prima kunnen. Als er een prijs is voor de snelste vertrekker, dan win ik, want voor ik er erg in heb staat de teller op 35km/u, waarna ik toch maar even temper. De hartslag stijgt tot zo'n 170 slagen per minuut en ik weet hem de hele klim tussen 160 en 176 te houden (gemiddeld 167).



Na ongeveer een kilometer haal ik de eerste twee voorgangers al in en vervolgens kan ik mooi naar iedere andere renner toe rijden. Het duurt niet lang of het zweet stroomt werkelijk van m'n hoofd af en dat zal zo blijven tot het eind van de rit. Gelukkig heb ik m'n helm niet op, want dan zou ik al dat zoute water in m'n ogen hebben gehad. Halverwege de klim rijden we de wolken in en tot mijn verbazing komen we daar niet veel later ook weer uit. Het is prachtig weer boven de wolken. Niet dat ik daar, dan wel voor de omgeving veel oog heb. Bij het passeren van de langzamere deelnemers wordt ik gegroet, maar zwaar hijgend neem ik niet meer de moeite om terug te groeten... dat doen we bovenop wel weer :). Als ik uiteindelijk ook Jules voorbij rijd, heb ik het hele veld voorbijgereden en is de top in zicht (nog 4 kilometer te gaan). De weg slingert en zou nou wat lichter moeten aanvoelen (laatste drie kilometer aan 7%), maar ze vallen best wel zwaar. Van versnellen is weinig sprake meer, het is meer het vasthouden van m'n tempo waar ik mee bezig ben. Uiteindelijk zie ik Gerben sterk naderen van achteren. Desalniettemin weet ik als eerste (voorste) boven te komen, in 52m19s (volgens eigen tijdmeting overigens 52m00s).

Positie Naam Tijd
1 Gerben 0:50:40
2 Gert-Jan 0:52:19
3 Gerrie 0:54:42
4 Edwin 1:00:20
5 Seb 1:01:33
6 Budd 1:02:05
Hubert 1:02:05
8 Jules 1:04:42
9 Paul 1:06:58
10 Rob 1:08:03
11 Peter 1:09:55
12 Hans 1:11:59
13 Alex 1:13:20
14 Eddy 1:16:55
15 Ton 1:27:29
16 Manuela 1:31:40

Na uitgereden en uitgehijgd te hebben, is het tijd om eens te informeren naar de tijden. Dat 'de drie Gs' de dienst uit zouden maken was niet onverwacht, maar de precieze verdeling van de ereplaatsen was nog onzeker. Uiteindelijk blijk ik tweede, op 1m39s van Gerben en 2m13s voor Gerrie. Daarna volgt een gat van 6 minuten naar de rest die meer dan een uur voor de klim nodig hadden. Op de top is een geweldig uitzicht te zien over de in wolken gehulde dalen. Stefan zorgt voor de laatste lunch die erg goed smaakt na zo'n inspanning en ook de limonade gaat er wel in. Met 32 graden is het flink warm hier op de top en aangezien ik me niet ingesmeerd heb, wil ik niet al te lang in de zon blijven zitten. Daarom ga ik solo naar beneden en geniet heerlijk na van de geleverde prestatie.

Op de terugweg besluit ik de klim via Saligos en Chèze nog mee te pakken en rij deze op m'n dooie gemak, bij tijd en wijle letterlijk fluitend. Ik besluit bij Beaucens van de hoofdweg af te slaan en ga eens kijken waar het bordje "Donjon des Aigles" naar verwijst. De weg stijgt behoorlijk, op een gegeven moment zelfs 17% en helemaal op het gemak lukt dat niet meer :)... Boven aangekomen blijkt het een oud kasteel te zijn waarin roofvogelshows worden gegeven. Iets verder in het dorpje zie ik een bordje staan waarop staat dat er huisgemaakte jam te koop is. Als beloning voor de tijdrit koop ik een flinke pot "confiture de myrtilles".
's Avonds drinken we nog even wat op een terrasje om de vakantie op gepaste wijze af te sluiten.


Dag 8&9: 24/25-08-10

Op dag 8 zou ik graag nog even gefietst hebben om de tijdrit uit de benen te rijden. Bovendien leek het me leuk om het Cirque de Troumouse te zien (rit vergelijkbaar met dag 3, maar dan anders afslaan bij Gavarnie). Het weer is echter omgeslagen en het is bewolkt. Tijdens het ontbijt begint het ineens hard te regenen en het duurt lange tijd voordat het droog wordt. De bergen blijven in de wolken hangen en de weg is nog kleddernat. Kortom... ik schrap de rit van de agenda. Op het terras besluiten we de tijd door te komen door een kaartje te leggen. 's Ochtends en 's middags spelen we hartenjagen en 's avonds, in afwachting van de bus, klaverjas. We spelen uitermate vermakelijke potjes.

Tussen de middag gaan we op zoek naar een eetgelegenheid, maar we zijn wat aan de late kant. Het blijkt dat tegen 13u de meeste eettentjes alweer dicht gaan en ons niet meer willen bedienen. Uiteindelijk weten we nog een restaurantje te vinden die ons nog wel een "stuk beest" met patat kan serveren. De bediening is werkelijk belabberd: de bestelling moet precies volgens de wensen van de ober: eerst iedereen z'n hoofdmaaltijd noemen, en dan pas een ronde waarin we wat te drinken vragen. Uiterst ongeïnteresseerd worden vervolgens de drankjes op tafel gekwakt, zoek zelf maar uit wie wat had en bovendien is de jus d'orange lauw. Twee ijsblokjes helpen daar ook niet tegen. Het vlees is niet onaardig, maar zit behoorlijk vol zeem, dus flink selecteren en de juiste stukken eruit pikken, maar de eerste patatjes van de reis (en dat na een hele week gegeten te hebben in een hotel) smaken prima. Het stuk sjagrijn komt de rekening brengen en we zijn het met z'n allen eens: geen cent fooi.

Om zes uur trekken we wederom het dorp in om wat te eten, maar het blijkt weer flink lastig om überhaupt wat te eten te vinden. Alle eetgelegenheden zijn dicht en gaan pas om 19u open (te laat omdat we om 20u klaar moeten staan voor de bus), dus uiteindelijk bij een bakker nog een opgewarmde croque-monsieur weten te vinden. Als toetje volgt een heerlijke ijscoupe (ja, alweer "de myrtilles"). De bus arriveert wat laat en vertrekt pas om 21.25u. Ook moeten er rond middernacht nog mensen opgepikt worden in Toulouse, zo horen we. Hoe de chauffeurs het voor elkaar krijgen, weet ik niet, maar ondanks het navigatiesysteem weten ze Toulouse in verkeerde richting uit te rijden en we rijden een uur voor niets een lus in de richting van Barcelona. Een reisgenoot heeft na deze fout nog gevraagd hoe laat we aan verwachten te komen in Breda en het antwoord is nog steeds rond 12.30u, verbazingwekkend gezien het reisschema: 15.30, maar ok. Tegen de volgende ochtend verwacht men ineens om 14.30 aan te komen, dus 's nachts moet er nog meer fout zijn gegaan op de route, en niet zo'n klein beetje ook, hoe verlies je anders nog eens 2 uur reistijd.
Zelf heb ik er gelukkig niet al te veel van meegekregen, want op de terugreis slaap ik toch wel iets beter dan op de heenreis. Bij het binnenrijden van Nederland volgt de volgende verrassing: een chauffeurswissel. Naar ik denk, dreigden de chauffeurs hun rijtijden te overschrijden. Wederom oponthoud en pas om 15.05u komen we aan in Breda. Gelukkig gaat het uitladen vlot en om 15.10 kan ik met fiets en koffer gauw een kaartje kopen en de trein van 15.21 naar Eindhoven pakken.


Terugblik

In totaal heb ik in 7 dagen 686,6 km gereden en daarin 18800 hoogtemeters overbrugd. Het weer was geweldig en zat enorm mee en zorgde ervoor dat het erg verleidelijk was langere tijd te blijven zitten bij de lunchstops op de toppen. Niet te vergeten de geweldige ondersteuning van Stefan, die iedere keer een heerlijke lunch wist voor te schotelen. Een leuke groep enthousiaste fietsers van allerhande komaf completeert de geweldige fiets-vakantie-sfeer.
De uitzichten waren geweldig en op de cols heb ik een variëteit aan fauna gezien: marmotten, paarden, ezels, schapen, koeien, lama's, roofvogels, ... De klimmen in de Pyreneeën zijn qua zwaarte vergelijkbaar met de Alpen, maar een stuk onregelmatiger, waardoor je minder makkelijk in je ritme kan komen. Ik heb heerlijk geklommen, niet te vergeten de heerlijke klimtijdrit, en ook hele mooie afdalingen gereden. Kortom, het was een geweldige vakantie.

© Gert-Jan de Vries
Sitemap
RSS
LinkedIn
ResearchID